Aids is nog steeds niet te genezen. Maar we kunnen de ziekte wel remmen. Zodanig dat iemand met een hiv-infectie weer kans heeft op een normaal leven, een baan, een rol als vader of moeder.
De medicijnen die in het westen gebruikt worden om het virus te remmen, de zogenaamde aidsremmers, zijn in ontwikkelingslanden echter nog vrijwel onbetaalbaar. In deze landen staat aids vaak gelijk aan een doodvonnis. Slechts 33% van de mensen in ontwikkelingslanden, die accuut aidsremmers nodig hebben, krijgen deze ook. Voor kinderen ligt dat percentage zelfs op 15%.

Landen en economiën getroffen
Het zijn vooral jonge mensen in de bloei van hun leven die getroffen worden door aids; de mensen die ook in het levensonderhoud van gezinnen moeten voorzien. Doordat zij geen aidsremmers krijgen, halen velen van hen hun 35e levensjaar niet. Hele generaties, die de economie van een land draaiende moeten houden, worden weggevaagd. Zo stagneert de ontwikkeling van veel landen en is er zelfs sprake van achteruitgang.
Een onmisbaar wapen
Toegang tot behandeling is een onmisbaar wapen in de strijd tegen aids. Ten eerste blijven mensen die medicijnen slikken langer in leven. Ten tweede toont onderzoek aan dat hiv-geïnfecteerden die medicijnen slikken minder hiv verspreiden, omdat ze - simpel gezegd - minder hiv in hun lichaam hebben. Ten derde maakt het verstrekken van medicijnen voorlichting mogelijk.
Uit onderzoek blijkt dat veel mensen in ontwikkelingslanden zich niet laten testen omdat ze denken dat het toch geen zin heeft: wie aids heeft, gaat dood, en dus kun je maar beter niet weten dat je hiv-drager bent. Toegang tot medicijnen biedt perspectief, waardoor ook het taboe rondom aids vermindert. Door medicijnen zijn aids en de dood niet langer synoniem.